Omdat het mijn laatste week is in Ecuador (ik vlieg aankomende zaterdag terug), neem ik even Redmar's blog over en vertel jullie alles over de afgelopen negen dagen. Met verhalen over ziek zijn in Quito, de jungle en Baños.
Redmar's vorige verhaal eindigde met het bericht dat we op vrijdag 18 maart naar het oude centrum van Quito zouden gaan en zaterdag naar Cotapaxi. Helaas pakte dat allemaal iets anders uit.
Vrijdag's waren Redmar en ik beide een beetje ziekjes. Naar mate de dag vorderde, dat wil zeggen nadat Redmar een verhaal had geschreven en we de zaterdag-trip naar Cotapaxi hebben geregeld en betaald, voelde ik me slechter en slechter en werd het wc-bezoek alsmaar frequenter. Het bezoek aan het oude centrum van Quito blijft bij een bezoek aan de Basilica, waar we een aardig uitzicht hebben over Quito. De stad zelf is niet echt een plaatje, en aangezien ik me steeds slechter voel pakken we snel een taxi terug. In het hostel duik ik mijn bed in, Redmar gaat het één en ander kopen en nog even internetten. Ik slaap wat, maar ben vooral veel op de wc te vinden. We eten in het hostel, en ondanks dat ik helemaal leeg ben krijg ik niks naar binnen. We besluiten dat Cotapaxi niets gaat worden, op bijna 5000m hoogte lopen na 30x de wc gezien te hebben is niet bepaald verstandig. Zonde van het geld, maar het is niet anders.
Als we op zaterdag wakker worden, voel ik me een stuk beter, hoewel compleet leeg. Redmar voelt zich nu eigenlijk minder dan mij, dus het aflasten van Cotapaxi was verstandig. We doen de hele dag bijzonder rustig aan en gaan in de middag met Mette naar het oude centrum. We bekijken het presidentieel paleis, hoewel we er niet helemaal in mogen, en drinken wat op La Ronda (een klein redelijk gezellig straatje). Terug in Mariscal drinken we bij Mette thee en werpt Redmar zich op als DJ. Vele Spaanstalige hitjes passeren de revue. We eten bij een vegatarisch restaurant, waar Redmar lyrisch over is, maar ik krijg het nog niet echt weg. We slapen redelijk vroeg, want morgen pakken we de bus naar Lago Agrio om naar de jungle te gaan.
We ontbijten zondags in het hostel en denken ruim de tijd te hebben om de bus naar Lago Agrio te pakken. Maar met het Ecuadoriaanse tempo duurt het tot 5 voor 9 voordat ik mijn ontbijt heb, terwijl we om half 10 al de bus moeten pakken. Uiteindelijk zijn we nog steeds ruim op tijd, zoals we van vader en moeder geleerd hebben. De busreis duurt zo'n acht uur en gaat via Papallacta, waar we nog hopen een Condor vanuit de bus te kunnen zien. Helaas zien we niks, dus vermaken we ons met een spaans-overgesproken über-cliche (gevangenen worden met American Football op het rechte pad gebracht, hoe Amerikaans) film met The Rock en Xzibit. Rond vijf uur komen we aan in Lago Agrio, waar we ons hotel opzoeken. Het hotel is best aardig en voordat we gaan slapen kijken we Meet The Parents (zowaar in het Engels). Morgen worden we rond 9 uur opgepikt om naar Jamu Lodge in Cuyabeno National Park te gaan.
Na een schammel ontbijt worden we iets voor negenen opgewacht door Henry, onze gids in Cuyabeno. Tot onze verbazing doet hij dat in het Nederlands; hij heeft vijf jaar in Nederland gestudeerd. In het busje wat ons naar het park gaat brengen ontmoeten we een jong Canadees stel, Rhys (17) en Sheanna (18, die officieel Rhys´ voogd is, omdat hij te jong is om alleen te mogen reizen in Ecuador, en een vijftal Ecuadorianen. De busreis kost ons zo´n twee uur en bij de Cuyabeno-brug eten we een boxed lunch (droge pasta met twee gehaktballen). We stappen in een gemotoriseerde kano, die ons naar de lodge gaat brengen. De tocht over de rivier is onze eerste kans om échte Amazone-soorten te zien. Tijdens de bijna drie-uur durende boottocht valt het aantal vogels ons een beetje tegen, maar zien we wel doodshoofdaapjes, capucijn-aapjes en monk saki monkies en als hoogtepunt rivierdolfijnen. In de middag gaan we richting Laguna Grande, waar we weer dolfijnen zien, om te gaan zwemmen. Bij het avondeten krijgen we nog tips voor reizen in Ecuador van de Ecuadorianen. Henry laat ons nog een Rainbow Tree Boa zien, die onder een trap bij de lodge slaapt. We trekken ons vervolgens niet al te laat terug naar onze kamer, die we delen met de Canadezen, want het programma lijkt vrij intensief.
De volgende ochtend ontbijten we om acht uur met een soort cake-achtig brood en vertrekken we wederom naar de Lagune, nu om een wandeling te maken. Henry houdt ons een wandeling van 3 tot 4 uur voor, maar na krap 2 uur zijn we alweer bij de boot. Tijdens de wandeling verteld Henry vooral over planten en hun functies, want veel wildlife zien we niet (op een vierde apensoort na). Warm en zweterig van de wandeling nemen de Ecuadorianen een duik in de lagune, maar Redmar en ik zijn zo stom geweest om de zwembroek te vergeten. Terug bij de lodge krijgen we zo´n 3 uur vrije tijd, die nog niet zomaar te vullen blijkt. Er is om de lodge heen bar weinig wildlife te zien en er zijn ook geen feeders voor kolibries, waar wij op hoopten. Dus we lezen, schrijven en slapen een beetje terwijl we in de hangmatten liggen. Rond vier uur gaan we weer terug naar de Lagune om dit keer piranha te vissen. We zijn nogal ongelukkig, we vangen precies nul vissen, ondanks ons oneindige optimisme. Aansluitend gaan we op zoek naar kaaimannen in het donker, maar ook hier hebben we weinig succes. Het water staat zo hoog dat de kaaimannen zich terugtrekken tussen de bomen die onder water staan. Meer dan een paar ogen zien we niet. Bij de lodge moet Redmar noodgedwongen een gesprek aangaan met de ´s middags aangekomen RTL-Nederlanders. We ergeren ons dood aan de ´Ah!-nederlanders-gezellig´-instelling, wij willen eigenlijk niet met deze oer-hollanders praten. Als Redmar weet te ontsnappen spelen we een potje kaarten met Rhys en ontdekken we een wolfspin bij onze badkamers. Er lopen opeens overal spinnen rond de lodge, want we zien ook nog een grote tarantula en vogelspin. Rhys, die een behoorlijke angst heeft voor spinnen, heeft niet zijn beste nacht.
Woensdag´s hebben we een lange dag op het programma staan, we blijven tot in de namiddag weg. We gaan ´s ochtends met een mooie boottocht en wandeling naar een shaman. We zien onderweg ara´s, waar Redmar en ik op hoopte, al zien we ze alleen vliegen. Tijdens de wandeling vinden we een Amazon Tree Boa, die zich bijzonder mooi laat fotograferen. Redmar weet Nat. Geo-waardig materiaal te schieten. We eten bij de shaman´s hut een boxed lunch en moeten even wachten tot de ceremonie kan beginnen. Dat blijkt, zoals wij al hadden gedacht, een poppekast. Henry en één van de Ecuadorianen laten zich ´reinigen´ met een soort berenklauw, waardoor hun rug compleet bedekt is met vreemde zweren. Wij passen ervoor, hoewel het geen pijn schijnt te doen, en stappen weer in de boot om naar een dorp te gaan. We gaan daar casave maken, een soort pannekoek van yuca. Bij aankomst worden we opeens gevolgd door een kleine wolaap, genaamd Nacho, die in het dorp geadopteerd is. Het aapje verveelt niet snel en beklimt iedereen. Terwijl de Shiona-vrouw druk yuca´s uit de grond trekt en klaar maakt, heeft de groep vooral aandacht voor Nacho. We helpen nog wel bij het schaven van de yuca, maar het is moeilijk om niet de aandacht op het aapje te focussen. Alleen als Henry een (gewonde) anaconda vind, verleggen we de aandacht even. We proeven van het brood, wat vooral droog is maar niet verkeerd smaakt, en keren terug naar de lodge. Daar proberen we vanaf de steiger nog eens piranha´s te vangen, maar die vangen we niet. Tot mijn eigen verbazing ben ik de enige die wat weet te vangen, een 30cm lange meerval. ´s Avonds maken we een nachtwandeling, waar we verschillende boomkikkers vinden en verder vooral veel insecten zien.
Op donderdag vertrekken de Ecuadorianen en hebben wij met de Canadezen een extra dag in het programma. We gaan met een kajak en een kano naar een lagune waar geen gemotoriseerde boten mogen komen. Het is compleet anders dan de Laguna Grande, waar altijd wel een andere boot te vinden is. Onderweg daar naartoe blijkt onze kano lek te zijn, dus ik wissel mijn roeispaan in voor een flesje om te hozen, terwijl Henry de boot repareert met wat rottend hout. De oplossing werkt, maar omdat hij ook de lunch vergeten is (het was niet zijn gelukkigste dag) keren we alweer terug naar de lodge. Die is echter nog zo´n dikke 3 uur pedelen en we verbranden als gekken. Onze armen en benen zijn bij terugkomst vuurrood. ´s Middags is ons programma flexibel, en we besluiten om nog een keer piranha te vissen. We weten niet of we geluk hebben of dat het de flinke regenbui is, maar we hebben dit keer succes. Iedereen vangt tenminste één piranha. We proberen ook weer opnieuw kaaimannen te vinden, maar wederom zonder succes.
Op vrijdag staan we om zes uur op om met de kano stroomafwaarts naar vogels te zoeken. We vinden onder andere toekans en zien ara´s vliegen, dus wat ons betreft was het een geslaagd tochtje. Na het ontbijt vertrekken we, samen met de RTL-nederlanders, weer naar de brug om terug te gaan naar Lago Agrio. Onderweg zien we onze vierde slangensoort, een ratsnake, en eenmaal bij de brug eten we een boxed lunch. We moeten even wachten op het busje, die wat vertraging heeft opgelopen, en vertrekken rond half twee richting Lago Agrio. Daar aangekomen internetten we en eten Chinees met de Canadezen die met ons meereizen met de nachtbus. We pakken om half acht de bus richting Puyo, wat bijzonder oncomfortabel blijkt te zijn. De bus is krap, stopt in het begin vaak en we moeten er ook nog even uit voor een militaire controle (die heel soepel verloopt). We slapen zo nu en dan een beetje, maar echt fris komen we om drie uur niet uit de bus in Puyo. Daar nemen we afscheid van de Canadezen, die daar blijven, terwijl Redmar en ik de bus pakken om half 4 naar Baños. Daar komen we rond vijf uur in de ochtend aan en gelukkig laten ze ons het hostel gewoon binnen. We vallen direct in slaap, we zijn toch al bijna 24 uur op.
Zaterdag´s vinden we dat we wel uit mogen slapen, en we ontbijten (met heel lekker brood en salami) dus pas rond twaalf uur. We hebben eerst de was, die na 5 dagen jungle naar natte hond ruikt, weggebracht. Redmar stelt voor om een dag korter in Baños te blijven en vrijdags nogmaals te proberen om Cotapaxi op te gaan en na enige overdenking stem ik in. We wandelen ´s middags naar Bella Vista, waar we een goed uitzicht over Baños hebben. Het is een pittige klim, vooral omdat die heel stijl is, en we zijn behoorlijk moe als we terug zijn in het hostel. Toch gaan we direct door naar de markt om daar cuy (cavia) te proberen. De presentatie staat ons erg tegen (de beestjes worden geheel geroosterd), en het smaakt ons dan ook niet heel erg. Leuk om geprobeerd te hebben, maar het hoeft niet weer. We eten écht avondeten bij Casa Hood, wat erg gezellig en vooral ook van prima kwaliteit is. We zijn rond negen uur weer terug in het hostel, waar we toch maar vroeg gaan slapen. Helemaal hersteld zijn we nog niet van al het reizen van de vorige dag.
We staan vandaag wat vroeger op, ontbijten bij het hostel en huren twee fietsen (zes dollar voor een dag) om richting Puyo, een afstand van ongeveer 60km, te gaan fietsen. Rond half 10 vertrekken we en omdat het vooral berg af gaat, gaat het behoorlijk snel. We stoppen bij twee watervallen en lopen daar naar beneden. Dat is eigenlijk zwaarder dan het fietsen, omdat het zo stijl is, en we gebruiken het fietsen tussendoor om af te koelen. We fietsen uiteindelijk tot Rio Negro, ongeveer halverwege de trip, omdat het behoorlijk begint te regenen. We eten lunch in Rio Negro, hopend dat het opklaart, maar het lijkt in de gewenste richting alleen maar slechter te worden. We besluiten terug te gaan naar Baños, en terwijl we in een pick-up terugrijden (berg op fietsen zagen we niet zo zitten) klaart het opeens op. We maken er het beste van en gaan in Baños naar de lokale dierentuin. Die valt niet tegen; voor twee dollar zie je veel vogels en dieren die in Ecuador voorkomen in behoorlijke onderkomens. Er zijn veel locals, dus het werkt ook nog eens positief voor de bewustworden van de lokale bevolking. We fietsen terug naar hostel, laten onze spullen achter en brengen de fietsen terug.
Morgen (maandag) gaan we naar Cuenca reizen, via Ingapirca. In Cuenca willen we nog Cagas, een nationaal park bezoeken, en vervolgens in Quito willen we nog proberen Cotapaxi op te gaan. Tegen die tijd zit de reis in Ecuador er voor mij alweer op en vertrekt Redmar richting Peru.
Helaas dit keer geen foto´s, het uploaden werkt hier niet. Hopelijk lukt het ons om in Cuenca wat visueel materiaal van de afgelopen dagen te delen!
Groetjes,
Jelger en Redmar
Hoi Redmar en Jelger,
BeantwoordenVerwijderenWeer een leuk verhaal om te lezen. Goed dat alles opgeschreven is en dat er foto's zijn anders zou je niet meer weten wat en wanneer je alles gezien hebt. Ik heb de sfeerbeelden inmiddels weer even bekeken van Cajas en dat ziet er ook prachtig uit. Weer een heel ander landschap. Geniet van je laatste week Jelger, tot zondag op Schiphol!
liefs,
heit en mama